Home > News > De nieuwe auteursrechtrichtlijn

NEWS

De nieuwe auteursrechtrichtlijn

calendar_new
23/04/2019
Related Lawyer(s)

De kogel is door de kerk. De nieuwe auteursrechtrichtlijn is een feit. Het voorstel voor deze Richtlijn werd ingediend door de Europese Commissie in september 2016 en op 26 maart 2019, na een (lijdens)weg van twee en half jaar aangenomen in het Europese Parlement om op 15 april 2019 uiteindelijk nog finale goedkeuring te krijgen van de Raad van Ministers.
De nieuwe auteursrechtrichtlijn van de Europese Commissie kadert in het grotere geheel van strategie van de digitale eengemaakte markt (vaak ook naar verwezen als de “Digital Single Market” of “DSM”). Deze strategie zag het leven in 2015 en moet ervoor zorgen dat de economie, het bedrijfsleven en de samenleving in Europa ten volle kunnen profiteren van het digitale tijdperk. Enkele verwezenlijkingen in deze context sinds 2015 zijn de modernisering van gegevensbescherming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming in 2016[1], de afschaffing van de roamingkosten sinds de zomer van 2017[2] en het ontsluiten van de e-commerce handel door het inlassen van een verbod op geo-blocking in 2018[3].
De totstandkoming van de nieuwe auteursrechtrichtlijn gebeurde niet zonder slag of stoot. Een van de grootste struikelblokken bij de totstandkoming was artikel 17 (tot op het einde in de ontwerpen steeds artikel 13). Artikel 17 heeft betrekking op enkele specifieke verplichtingen voor “online content-sharing service providers” (hierna “OCSSP”). Een OCSSP wordt gedefinieerd als een verstrekker van diensten van de informatiemaatschappij waarvan het winstgevend hoofddoel is om een (groot) aantal auteursrechtelijk beschermde werken of andere beschermde elementen die worden geüpload door de gebruikers ervan, te bewaren en publiek toegankelijk te maken. Dit nieuwe concept laat evenwel nog ruimte voor interpretatie, en dan met name omtrent “hoofddoel” en “een groot aantal”. De omzetting van de richtlijn in de nationale rechtsorde zal hier hopelijk duidelijkheid rond scheppen. Worden expliciet uitgesloten van de definitie: verstrekkers van online encyclopedie zonder winstoogmerk, educatieve en wetenschappelijke opslagplaatsen zonder winstoogmerk, open source software ontwikkeling en –deling platformen, elektronische communicatie dienst (bv. Telenet, Proximus), online markplaatsen (bv. eBay), business-to-business cloud diensten en cloud diensten die gebruikers toelaten om inhoud voor eigen gebruik te uploaden (bv. Dropbox).

Overeenkomstig artikel 17 dient een OCSSP, alvorens auteursrechtelijk beschermde werken aan het publiek mee te delen, hiervoor de toestemming te krijgen van de auteur in kwestie, onder andere via het afsluiten van licentieovereenkomsten. De OCSPP zal dan ook aansprakelijk zijn indien auteursrechtelijk beschermde werken worden geüpload op het platform zonder toestemming, tenzij de OCSSP kan aantonen dat hij alles in het werk heeft gesteld om de toestemming te bekomen en te verzekeren dat onrechtmatige werken waarvoor de auteurs de nodige informatie hebben verstrekt, onbeschikbaar worden gemaakt, alsook een notice, takedown en stay down mechanisme op poten heeft gezet. De verplichtingen van de OCSSP mogen er evenwel niet toe leiden dat auteursrechtelijk beschermde werken die door de gebruikers geüpload worden en die onder een van de uitzonderingen vallen inzake toestemming (zoals citaat, recensie, kritiek, parodie, pastiche en karikatuur), toch niet publiek toegankelijk worden gemaakt. Tenslotte moet de OCSSP een efficiënt geschillenbeslechtingsmechanisme, met menselijke tussenkomst, in het leven roepen voor het geval een gebruiker een klacht indient over het blokkeren of verwijderen van zijn (geplande) online post (bv. indien hij meent dat de (geplande) post onder een van de uitzonderingen valt). De grootste kritiek op dit artikel luidt dat deze regels er in de praktijk toe zullen leiden dat OCSSP “uploadfilters” zullen hanteren wat volgens de critici de vrije meningsuiting in het gedrang kan (en zal) brengen.

Naast het voormelde artikel 17 met betrekking tot OCSSP, bevat de nieuwe auteursrechtrichtlijn nog bepalingen over onder andere:

  • Nieuwe uitzonderingen en beperkingen inzake tekst- en datamining, gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken in grensoverschrijdende onderwijsactiviteiten;
  • Gebruik van auteursrechtelijk beschermde werken door culturele erfgoed instellingen;
  • Maatregelen om collectieve licenties te bewerkstelligen;
  • Regels inzake collectieve beheersorganisaties die dergelijke collectieve licenties aanbieden;
  • Bepalingen inzake toegang tot, en beschikbaarheid van, audiovisuele werken op video-on-demand platformen;
  • Bepalingen inzake de online publicatie van persartikels;
  • Een recht op informatie voor auteurs en uitvoerders alsook het recht op passende en proportionele vergoeding wanneer zijn hun rechten in licentie geven of overdragen;
  • Een ‘herroepingsrecht’ voor auteurs en uitvoerders wanneer hun werken niet geëxploiteerd worden nadat de rechten in licentie werden gegeven of werden overgedragen. 

Tussen de lijnen door van de nieuwe auteursrechtrichtlijn kan men lezen dat vooral de grote dienstverleners van de informatiemaatschappij worden geviseerd, zoals YouTube, Facebook en gelijkaardige reuzen in het internetlandschap. De bedoeling van de EU was duidelijk om voornamelijk de zogenaamde “value gap” te dichten. De nieuwe auteursrechtrichtlijn zoekt dan ook een balans tussen enerzijds de toegang tot creatieve werken en anderzijds een behoorlijke vergoeding voor de rechthebbenden.

Na publicatie van de auteursrechtrichtlijn hebben de lidstaten nog twee jaar om de bepalingen om te zetten in hun nationale rechtsorde. Het is te hopen dat tegen dan de wetgever in samenwerking met de verschillende actoren en belanghebbenden in de sector, enigszins uitklaren hoe de regels van deze nieuwe auteursrechtrichtlijn vorm dienen te krijgen in de praktijk.

Bron