Home > News > De krachtlijnen van de nieuwe regeling inzake de ontwikkeling van woonreservegebieden

NEWS

De krachtlijnen van de nieuwe regeling inzake de ontwikkeling van woonreservegebieden

calendar_new
26/07/2018
Related Lawyer(s)

Op de superministerraad van 20 juli 2018 gaf de Vlaamse Regering haar goedkeuring aan een voorontwerp van decreet inzake de ontwikkelingsmogelijkheden voor woonreservegebieden.

De nieuwe regeling komt in de plaats van de bestaande regeling van artikel 5.6.5 en 5.6.6. VCRO. Die regeling voorzag, kort  gezegd, dat een woonreservegebied kon ontwikkeld worden door sociale woonorganisaties voor sociale woningbouw, en dat een woonuitbreidingsgebied daarnaast op privéinitiatief kon ontwikkeld worden voor groepswoningbouw of op grond van een “principieel akkoord”.

De regeling inzake ontwikkeling van sociale woningen door sociale woonorganisaties blijft grotendeels behouden. De regeling voor andere actoren wordt door de Vlaamse Regering te complex bevonden, en zou worden vervangen.

De nieuwe regeling voorziet vooreerst in gelijkschakeling tussen woonuitbreidingsgebieden en andere woonreservegebieden. Die gebieden komen bijgevolg in de toekomst niet enkel in aanmerking voor ontwikkeling voor sociale woningbouw.

Zoals voorheen kunnen alle woonreservegebieden ontwikkeld worden door sociale woonorganisatie voor sociale woningbouw.

Daarnaast is ontwikkeling in principe enkel mogelijk indien de gemeente daartoe het initiatief neemt. Dit is mogelijk door een uitspraak in een gemeentelijk ruimtelijk beleidsplan, of door een gemeentelijk voorstel dat door de Vlaamse Regering wordt goedgekeurd.

Daarbuiten is er geen ontwikkeling meer mogelijk, ook niet voor groepswoningbouw.

De enige uitzondering hierop vormen de zogenaamde restpercelen.  Dit zijn percelen met een maximale aaneengesloten oppervlakte van 2.500 m² in een woonreservegebied dat reeds voor de helft bebouwd is. Voor deze percelen gelden voortaan de voorschriften van de gewone woongebieden.

Hetzelfde geldt voor de percelen in bestaande verkavelingen, percelen waar reeds wegenis is aangelegd, of percelen die zijn bebouwd op basis van een principieel akkoord.

Bestaande woningen in woonreservegebieden worden verder niet langer als zonevreemd beschouwd, al mag het aantal woongelegenheden niet worden vergroot en zijn functiewijzigingen niet toegestaan.

Tot slot moet de Vlaamse Regering nadere regels bepalen voor de ontwikkeling van woonreservegebieden. Die regels moeten betrekking hebben op bv. woningdichtheid en het aandeel sociale woningen. Bij ontwikkeling op basis van een gemeentelijk initiatief zal de ontwikkeling aan die regels moeten voldoen.

De Vlaamse Regering zal dit voorontwerp nu voorleggen aan diverse adviesinstanties, en zal het vervolgens indienen bij het Vlaams Parlement.

Filip De Preter l f.depreter@liedekerke.com